5a. Kashgar/Kashii

Een van de eerste echte hoogtepunten van deze reis was het bezoek aan Kashgar. Kashgar was in 2004 nog steeds een stad met een grote oeigoerse (islamitische) bevolking. De stad heeft  o.a. een prachtige oude binnenstad (veel groter en indrukwekkender dan die van het kleinere Turpan) en er wordt elke zondag een grote zondagsmarkt en beestenmarkt gehouden. De beestenmarkt was al wel naar een locatie aan de rand van de stad verplaatst, terwijl deze daarvoor op een aangrenzende locatie van de zondagsmarkt werd gehouden. Inmiddels zijn de chinezen (sinds 2009) begonnen aan de ontmanteling van de oude binnenstad, wat betekent dat veel van de oude typisch oeigoerse architectuur verdwijnt. Erg zonde. Een goede renovatie/restauratie is waarschijnlijk te duur. Verder heeft Kashgar ook het grootste/hoogste beeld van Mao ter wereld en zijn er een flink aantal prachtige oude moskeeën te vinden zoals de Id Kah middenin de oude binnenstad en de qua symmetrie met de Taj Mahal in India vergeleken Apakh Hoja. Heerlijke stad om rond te dwalen, lekker eten (mix van chinees en oeigoers) en de markten zijn ideaal om mensen te fotograferen. Ook het chinese deel van de stad is interessant om te gaan kijken. Zo staan de chinezen erg vroeg op (zonsopkomst om voorafgaand aan hun werkdag aan Tai Chi te doen in het grote Volks Park (Renmin Park). Op het Volksplein (Renmin Square) worden ‘s avonds dans- en zangvoorstellingen gegeven die erg druk worden bezocht ook door oeigoeren, waarbij vooral landelijke/agrarische voorstellingen worden getoond.

[galobj viewid=223]

Kashgar, Kasjgar of Qashqar is een stad in de autonome regio Sinkiang. Deze oasestad ligt ten westen van de Taklamakanwoestijn, in het verre westen van China, op 1304 m hoogte aan de voet van het Pamirgebergte en aan de Qashqar darya. Ze telt ongeveer 285.000 personen. Ten oosten van de stad liggen de ruïnes van de oude handelsstad Hano-i.

De stad is de meest westelijke Chinese stad op de zijderoute.

Bevolking

De bevolking bestaat overwegend uit Oeigoeren en daarmee is de stad overwegend islamitisch. Het stadsbeeld wordt overheerst door islamitische architectuur met onder meer de bazaar en de grote Id-Kah-moskee. De Chinese regering voert een omvangrijke modernisering van de stad door. De oude stad wordt systematisch gesloopt en gemoderniseerd. De Go west politiek van de Chinese overheid, waarbij Han-Chinezen door subsidies en belastingkortingen aangemoedigd worden om naar de westelijke Chinese provincies te verhuizen, leidt tot een toename van het percentage Han-Chinezen.

Economie

Kashgar is een beginpunt (of eindpunt) van de Karakoram-weg, die China met Pakistan verbindt en de Torugartpas, die China met Kirgizië verbindt.

In Kashgar wordt wekelijks op zondag een enorme markt gehouden.

De stad is van oudsher van belang als handelscentrum (knooppunt van karavaanroutes). In de vruchtbare omgeving worden onder meer groenten, katoen en zijderupsen geteeld. De industrie is voornamelijk gebaseerd op de landbouw (productie van leder, zijde, katoen en voedingsmiddelen), bouw van landbouwmachines) en voorts cementindustrie en ambachtelijke vervaardiging van tapijten.

Geschiedenis

Qashqar was aanvankelijk een stadstaat in Sinkiang, die tot de 8ste eeuw herhaaldelijk door Hunnen en Han-Chinezen werd onderworpen (onder meer protectoraat van de Westelijke Han-dynastie, 1e eeuw v.Chr.). In 78 n.Chr. werd er een Chinees garnizoen gelegerd. De stad kwam aan het eind van de 7de eeuw in handen van de T’ang-dynastie en hierna achtereenvolgens in handen van Turkse Karlukken (8ste eeuw), Oeigoeren (10de–11de eeuw) en Kara-kitai (12de eeuw). Met de verovering door de Mongolen in 1219 begon een bloeiperiode, die eindigde met de plundering door Timoer Lenk (14de eeuw). Ten tijde van de Tj’ing-dynastie werd de stad weer Chinees (1755). Sindsdien 1755 is de stad herhaaldelijk het toneel geweest van islamitische opstanden (met name 1862–1875 en 1928–1937). In de 19e eeuw riep een Centraal-Aziatische krijgsheer, Yakub Beg, zich uit tot khan van de staat Kashgarië. Na zijn dood in 1877 kwam het gebied weer onder Chinees bestuur.

Begin augustus 2008 was Kashgar het toneel van een aanslag tegen de Chinese grenspolitie. Daarbij werden zestien agenten gedood en zestien geraakten gewond volgens het Chinese staatspersbureau Xinhua. Twee personen reden met een bestelwagen de grenspost in Kashgar binnen en wierpen twee granaten, die ontploften. Volgens de Chinese politie had de aanslag een terroristisch karakter en zou hij gelinkt kunnen zijn aan een militante separatistische groep, de Islamitische Partij van Turkestan.

Sloop van de oude stad

In februari 2009 is de Chinese overheid begonnen met het verplaatsen van 50.000 gezinnen uit het oude centrum van Kashgar. Het slopen van de meer dan 1000 jaar oude binnenstad, waar vooral Oeigoeren wonen is een doorn in het oog van architecten en archeologen, die de architectuur als uniek beschouwen. Als reden voor de sloop wordt door de Chinese overheid gegeven dat de oude stad door zijn leeftijd geërodeerd en verouderd zou zijn en dat de oude huizen gevaar lopen voor instorting tijdens een aardbeving. De sloop zou verder ook nodig zijn om riolering, waterleiding en bredere straten aan te leggen. Kashgar is een van de laatste steden in Xinjiang waar nog traditionele Oeigoerse architectuur en cultuur te vinden is. De meeste Oeigoerse woningen in andere steden hebben in de afgelopen decennia al plaats gemaakt voor Chinese flats en snelwegen.

Share this blog on:
Facebooktwitter

or even better Follow Wandelgek on:
Facebooktwitter
Bookmark the permalink.

Comments are closed.