Wandelen tussen de paarden in de Suusamyr vallei en de tocht over de Ala Bel pas

Na de pas, daalt de weg af naar de Suusamyr vallei. Hier vind je een overvloed aan groene weilanden/steppe op een hoog plateau – 2200m boven zeeniveau.

[galobj viewid=239]

Een reiziger in het begin van de 20e eeuw schreef over Suusamyr:

“Het is nacht. De schapen hebben zich dicht rondom een Yurt verzameld en zijn in een diepe slaap verzonken, rustig ademend … De maan glijdt langs de hemel al struikelend over de wolken, en de toppen van de bergen, lijken op enorme blokken van blauw marmer, terwijl ze worden verlicht door een mysterieus innerlijk licht. Langzaam wordt de duisternis helemaal weggedrukt als het ochtendlicht achter de rand van de bergen rijst … morgen in de weiden, in Suusamyr.”

De Suusamyr vallei is een steppe op een hooggelegen plateau, zo’n 2200 meter boven de zeespiegel. En alhoewel de vallei slechts zo’n 160 kilometer van Bishkek ligt, is het ook een van de meest afgelegen en zelden bezochte regio’s van Kirgizië.

De belangrijkste nederzetting op de vlakte ligt in het uiterste oosten en is het dorp Suusamyr. Het ligt ongeveer 15 kilometer ten oosten van de belangrijke Bishkek-Osh weg. De afslag is goed aangegeven – zelfs in het Engels.

Er zijn tekenen van vroege nederzettingen, daterend uit tussen de 9e en 11e eeuw.

In 1992 werd het gebied getroffen door een zware aardbeving – deze bereikte een kracht van 9 op de schaal van Richter – en de meeste van de dorpen in de vallei leden aanzienlijke schade. (De aardbeving, en de locatie van Suusamyr – 250 km ten oosten van Tashkent – blijkt een cruciale aanwijzing te zijn voor Inspector Morse, (de Oxford Detective), in “The Inside Story” – een kort verhaal van Colin Dexter).

De bevolking van ongeveer 6000 inwoners, bestaat voornamelijk uit Kirgiezen en ze zijn bijna allemaal betrokken bij de landbouw. In de Sovjettijd was dit een van de belangrijkste schapenfokgebieden van het land. Tot vier miljoen schapen werden in het voorjaar over de bergpassen geleid om in het voorjaar te kunnen grazen op het weelderige gras van de steppe. Een route, die werd genomen was die vanuit Tash Bulak (ongeveer 50 km van Bishkek – nog steeds aangeduid door de lokale bevolking met zijn voormalige Sovjetnaam, Belogorka, net ten zuiden van Sokoluk). Hoewel het pad nog steeds bekend staat als een mogelijke trekking route – is het niet gemakkelijk en wordt het nog steeds vaak geblokkeerd door sneeuw, zelfs in de zomer.

Sinds 1991 zijn de grazende schaapskuddes hier geslonken en hebben de mensen zich gediversifieerd in andere vormen van landbouw zoals de teelt van aardappelen, knoflook, kool en voedergewassen. In de zomer wonen de mensen nog steeds in yurts en grazen de schapen en de paarden op het weelderige gras. Er zijn alpine bergweiden vol kruiden en wilde bloemen die de valleibodem bedekken met hun prachtige kleuren. Het gebied is bekend om zijn kumyz, Airan (yoghurt) en honing.

Zomers hebben de neiging om warm te zijn met koude nachten en af en toe onweer.

De weg gaat verder over de Ala Bel pas (3184 m) die lager, breder en langer is dan de Tuu Ashu pas, maar vooral in de winter toch moeilijk te overwinnen is. Dan gaat de weg verder door de smalle kloof van het zwaar beboste Chichkan State Zoological Reserve. De weg volgt daarbij een klein snelstromend riviertje.

De kloof is smal, maar prachtig met veel stroomversnellingen, prachtige plantengroei en mooie steile rotsformaties…

Share this blog on:
Facebooktwitter

or even better Follow Wandelgek on:
Facebooktwitter
Bookmark the permalink.

Comments are closed.